Oldewarris

100 woorden verhalen

Herkennen

Het was het eerste wat je herkende, haar onvolgroeide rechterarmpje. Ze was het stoere meisje uit je klas, want ze kon er alles mee en liep altijd voorop. Door niets en iemand liet ze zich tegenhouden. Veel was ze niet veranderd, maar jij kennelijk wel, want ze herkende je niet. Haar naam kwam niet direct naar boven, maar je sprak haar aan. Verrast elkaar weer eens te zien, wisselden jullie even oude herinneringen uit. En jij stamelde iets over het vergeten van haar naam, toen ze aangaf hoe knap het was dat jij haar na al die jaren nog herkende.

Weg

Hij was weg, want ze liet hem gaan. Het moet zeker een half uur geleden geweest zijn dat ze de deur in het slot hoorde vallen en toch voelde hij nu meer aanwezig dan daarvoor. Ze voelde hem direct achter zich zitten op het bed. De warmte van zijn lijf tegen haar rug, zijn armen om haar heen. Ze voelde hem recht voor zich staan en even voelde ze hem haar beide handen pakken, haar omhoog tillen en in zijn armen sluiten. Toen dat allemaal werkelijk plaatsvond voelde ze niets. Nu hij er niet meer was voelde ze het allemaal.

Vandaag

Het was vandaag donker. Of de dag had veel te veel kleuren, tezamen zwart. Te vol, te veel.
Vandaag geen hoogtepunten, zelfs geen lichtpunten. De dag had vandaag de kleur van alleen zijn. De kleur van niet samen, van niet in verbinding. De kleur van binnen en niet buiten. De kleur van anders willen. De kleur van moeten wachten. De kleur van willen schreeuwen, maar stil zijn en voelen, heel veel voelen. Willen voelen, moeten voelen, om te ervaren. Ervaren dat het mag zijn zoals het is, wetend dat vandaag morgen niet meer is en andere dagen weer speciaal maakt.

Klein zijn

Klein zijn bij haar. Je hoofd op haar schoot. Je ogen dicht. Haar handen door je haar, haar vingers wandelend over je gezicht. Zij stelt vragen en jij antwoordt. Haar vragen raken de kern, jouw kern. Zij vraagt dwars door jouw patronen heen. Zij keert de rollen om. En meer nog dan dat ze luistert, kijkt ze naar je en voelt ze. Ze laat zich niet misleiden door de muur van woorden om je heen. Ze neemt je mee in haar taal, taal zonder woorden. Ze tilt je op, laat je jezelf voelen en laat je landen in haar schoot.

Schoolfeest

Ik ben zijn juf en hij is mijn leerling dus het mocht niet gebeuren. Maar het gebeurde wel. De grens was overschreden. Het gebeurde op het schoolfeest. Snel, kort en ondoordacht. Maar ik zoende hem. Zachte lippen op elkaar en tongen die elkaar even vonden. Mijn hand achter in zijn hals gelegd en zijn handen aarzelend op zoek naar een plek op mijn lijf. Met zijn 19 jaar gaf het leven ons niet zoveel grenzen, maar mijn baan bepaald wel. Mijn baan, mijn lot, lag nu in zijn handen. De handen die ik zojuist even over mijn lijf voelde gaan.

Fluiten

Haar gehele gehoor was gefocust op zijn fluiten. Ademen en fluiten op een zekere afstand achter haar. Zware voetstappen in maat met haar pas. Omdraaien durfde ze niet. Bonkende hartslag, schokkend happend naar adem, haar longen op zoek naar lucht. Angst belemmerde haar om kalm te blijven. Ze wiebelde op haar hakken. Tranen sprongen in haar ogen. Ze wilde zich niet schuldig voelen over haar kleding, over zo laat alleen op straat, over ‘had toch niet’ en ‘wat deed je daar?’. Wanhopig probeerde ze haar ademhaling te controleren. Dat lukte pas toen het fluiten langzaam zachter werd en rechtsaf sloeg. 

De wind

Languit op het strandbed, liggend op haar rug. Zon en wind op haar huid. Een zacht briesje, onrustig, golfend in willekeurige routes, strelend over haar lijf. Dwarrelend van haar voeten naar haar hoofd en weer terug. Eerst nog óp haar huid, maar de streling maakt nu ook onderhuidse routes. Met haar onderbuik als zenuwcentrum, verdelen langzame heupbewegingen de stroom door haar lijf. Armen blijven roerloos liggen, al schreeuwt nu alles om aanraking. Niets doen, doet inmiddels bijna zeer, als een ijsje plotseling ijskoud op haar buik wordt gelegd. Het ‘o-zo-grappig’ grapje van haar lief maakt alles ineens windstil.

Cliché

Je kwam naar het eiland om te vergeten, om hem te vergeten. Maar het lukt je niet. Mannen schuiven bij je aan en zeggen dat je de mooiste bent van alle vrouwen. Maar dat waren zíjn woorden. Cliché en waar, want als hij het zei dan voelde jij je de mooiste van allemaal. En je scrolt, zoals je dat de hele dag al doet, door oude berichten op je telefoon. Op zoek naar deze woorden. Als je ze leest hoor je zijn stem. En al even cliché en waar biedt dit tropische eiland je niets dan wolken, wind en regen. 

Haar wil

Hij sprak de juiste woorden wel uit. Woorden van afwijzing. Weigering. Bezwaren. Hele zinnen, ferm uit zijn mond, maar effect hadden ze nooit. Dat wist hij al als hij ze uitsprak. Hij gebaarde er zelfs bij. Een wijzende vinger en een hand op de tafel geslagen om zijn woorden kracht bij te zetten, maar zij bleef onbeweeglijk en kalm wachten tot hij klaar was. Uiteindelijk nam zij het altijd over met veel meer kracht en vooral sterkere argumenten. Uitgeblust na zijn eigen pleidooi, bleef hij dan stil. Een stilte die altijd een instemming werd, met zoals zij het had bedacht. 

Oversteken

Langzaam loopt ze voor mijn auto langs. Zij ziet me niet, dat weet ik zeker, maar ik zie haar voluit. Ik wacht voor rood en dus op haar. De hoer, de slet, op hoge hakken. Het zebrapad als tippelzone. Is ze op weg naar jou of kwam ze net bij jou vandaan?
Onbegrijpelijk dat je mij voor haar verliet. Als ze even stil staat komt het slechtste in mij boven. Mijn voet van de rem en met volle kracht op het pedaal daarnaast, doorrijden en wegrijden. Dat voelt even goed, maar ik doe het niet omdat ik van je hou.

Pagina 1 of 8

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén